Van Boeken Bezeten 90

Geluksgetallen en hoe ze te vinden.

Zomerhits zijn de liedjes die het precies één zomer moeten uithouden. Voor luisteraars weten ze het bijzondere gevoel van die ene zomer op te roepen en daarom gaan ze vaak een leven lang mee. Love me do van de Beatles was de zomerhit van Thomas Verbogt in 1963 en in 2009 opent zijn roman Verdwenen tijd met de herinnering eraan, maar liefst 46 jaar later. Ook in de boekenwereld maakt de zomerhit voorzichtig haar opwachting, het boek dat iedereen meeneemt op reis, de omslag die je in wachtkamers op stations en vliegvelden het meest tegenkomt en de inhoud waarover je met vreemden aan de ontbijttafel in het buitenland je leeservaringen kunt uitwisselen. Zomerlezen, ik voorspel dat binnen enkele jaren de boekenbranche, waar nu nog de mooiste boeken in het voorjaar en najaar uitkomen een draai gaat maken en wij de Boekenweek gaan meemaken rond half juni als wij het boekenplekje in de koffer vrijhouden en in de winkels de stapels goedgevoel- of slechtgedragboeken in de buurt van de kassa ons verleidelijk toelachen.

Het is daarom zo opmerkelijk dat het zomerboek van 2009 De eenzaamheid van de priemgetallen van de Italiaanse schrijver Paolo Giordano blijkt te zijn. Het boek is geschreven door een jonge wiskundige, iemand uit een wereld waar men het lezen van een krantenbericht al als een voorhistorische lichtzinnigheid beschouwt. De roman start als een mathematisch symmetrische reeks: het eerste, derde, vijfde, zevende, negende en elfde hoofdstuk gaat over de jonge vrouwelijke hoofdpersoon Alice, terwijl we in hoofdstuk twee, vier, zes, acht en tien de belevenissen van de jongeman Mattia volgen. In het twaalfde hoofdstuk ontmoeten ze elkaar op een feest en ze herkennen elkaar aan de verwondingen die ze hebben opgelopen, littekens van hun door en door ongelukkige jeugd. Beleven ze iets moois samen? Komt er een - desnoods kortstondig - einde aan hun ellende? Nee, want Alice en Mattia zijn priemgetallen, getallen die alleen maar deelbaar zijn door één en door zichzelf. Bovendien zijn ze tweelingpriemgetallen, paren van priemgetallen die op zich dicht bij elkaar staan - ertussenin staat altijd een even getal dat ze belet elkaar echt aan te raken. Tweelingpriemgetallen worden, hoe verder je in de getallenreeks komt, steeds zeldzamer, het zijn paren van getallen waarbij elk getal gedoemd is om alleen te blijven. Als we dat halverwege het boek gelezen hebben, weten we hoe het afloopt met Alice en Mattia. Tot in de oneindigheid zullen ze doorgaan elkaar te proberen te benaderen, maar een echte eenheid worden ze nooit. Elke poging tot het tegendeel loopt per definitie op een mislukking uit.

Wonderlijk genoeg slaagt de schrijver erin ons te laten doorlezen. De twee levens lopen ver uiteen en toch hoop je dat ze op een bepaald moment bij elkaar komen, dat de mensen van vlees en bloed elkaar hun liefde betuigen en - ook al is het maar voor één dag, op het laatst dacht ik: al is het maar voor één uur - laat ze samen gelukkig te zijn. De afloop zal ik hier niet verraden. Een raadsel is het, het succes van deze roman in de zomer van 2009. Wel een raadsel dat tevreden stemt: de literatuur zit vol verrassende geheimen.


Noud Bles

Paolo Giordano: De eenzaamheid van de priemgetallen, roman, Uitgeverij Cargo (De Bezige Bij), € 18,90
Thomas Verbogt: Verdwenen tijd, roman, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2009, € 17,50 (zie ook Van Boeken Bezeten 88, juli 2009)
terug naar columnarchief