terug naar gedichten
Het eerste gepubliceerde gedicht verscheen in De Tijd-Maasbode (toen een dagblad) op 9 maart 1963.
De reis naar SloveniŽ, KroatiŽ en BosniŽ in het najaar van 2010 leverde het gedicht In Mostar bij de brug:
In Mostar bij de brug



Het kruis dat laag hangt aan de andere zijde               Hoger dan de stapels kitsch,
staat hier eenzaam op de heuveltop.                           en hoger dan de oorlogsgaten
In drommen meanderen wij                                       klimt op de hagelnieuwe leuning
langs kramen, kruidkoek en koffiekopjes:                    de springer, ons overtollig geld komt hem toe:
verblind door spiegels, sieraden en schalen                 Voor vijf euro per kijker stort hij
kunnen wij in elke muntsoort betalende diepte in         en komt, zo doet hij ons geloven,
op deze door de goden verlaten plek.                         - met dank aan God of Allah -  toch weer boven.

Eerst horen wij de oproep tot gebed,                          Niemand heeft verteld wie de bom, welke lont of
dan zien we de slanke stenen vinger,                          waar de lucifer werd ontstoken.
die de hemel raakt, een minaret.                                Drie partijen houden hun handen schoon,
Glimmend en glad zijn de ronde keien,                        wij vragen niet naar schuld.
niet struikelen op Mostars hoogtepunt.                        Zolang wij harde valuta achterlaten,
Gloednieuw, met vredesgeld herbouwd,                      blijft bij de brug over de Neretva
verbindt de oude brug twee oevers                             de zachte naastenliefde
niet christenmensen, niet moslimbroeders.                   in Mostars nevelen gehuld.

Noud Bles
Het laatste gedicht verscheen in Ode aan 3 oevers 01, het kunstmagazine van Kunstcollectief Gelderse Poort. Deze uitgave verscheen ter gelegenheid van de jaarlijkse kunst- en cultuurroute in september 2021. In het eerste nummer van dit kunstmagazine van Noud Bles het gedicht ODE AAN HET LANDSCHAP.
ODE AAN HET LANDSCHAP

Lang leve het landschap waar
dikke stammen zich verdubbelen
in het water, hun wortels verbergen
en kale takken de vingers strekken,
de zomer een herinnering.
Tussen het groen en de stad aan
de overkant kronkelt, ingetogen
als een kind, de rivier.
Meer heeft een ooggetuige niet nodig,
niets meer, want jij staat hier.

Noud Bles
Ode aan 3 oevers 01 is een uitgave van Kunstcollectief Gelderse Poort.