Van Boeken Bezeten 95

Twee postboden en een postduif: drie redenen om te lezen

Waarom lezen lezers een boek? Twee antwoorden geeft Carla Bogaards in haar roman De verdronken postbode. Ik noemde deze titel in de decembernieuwsbrief. In de eerste dagen van 2010 las ik drie boeken met opmerkelijke overeenkomsten. Die ontdek je alleen als je leest. Dat zou een goede reden zijn om die boeken te lezen. In hoofdstuk 15 van haar boek geeft Carla Bogaards twee andere: ‘Jij bent volgzaam,’ roept Eva, de vriendin van de postbode, hem toe. ‘Dat is je natuur, je blijft tot je pensioen de post bezorgen en je blijft tot je dood boeken lezen die andere mensen verzonnen hebben. Je leest en je leest, je houdt niet meer op, zelfs een saai boek.’ Eva leest anders: ‘…dan sla ik gewoon iets over wat me niet aanstaat, dan maak ik mijn eigen boek.’ Hij leest met respect voor de schrijver, zij grijpt tijdens het lezen in zodra zij daar zin in heeft.

Postboden hebben een ingebakken eerbied voor de geheimen die ze in handen krijgen, of ze nu in een envelop zijn verpakt of opgeborgen in de pagina’s binnen de boekomslag. Mario Jiménez, de hoofdpersoon uit de kleine roman De postbode van Neruda van de Chileense schrijver Antonio Skármeta is een toonbeeld hiervan. In het afgelegen vissersdorpje aan de Stille Oceaan krijgt hij de baan als postbesteller van slechts één, verafgelegen wonende klant, maar die klant is wel Pablo Neruda, de grote, alom bekende en geliefde Chileense dichter. Mario bemoeit zich met de post die hij bezorgt. Zou de langverwachte brief van het Nobelprijscomité erbij zitten? Zitten er liefdesbrieven voor de dichter tussen? Eenmaal bij zijn klant heeft Mario alle tijd en hij vraagt: Wat is een metafoor, hoe ontstaat een gedicht? Over de zee en het eiland, antwoordt Neruda: ‘…met zeven groene tongen, van zeven groene tijgers, van zeven groene honden, van zeven groene zeeën, spoelt hij over haar heen, kust haar, maakt haar nat en slaat zich op de borst zijn naam herhalend.’

Nog meer redenen om te lezen vind ik in De autist en de postduif van de naar het Westen gevluchte Iraakse schrijver Rodaan Al Galidi. Ik zou zijn prachtige roman nooit gelezen hebben als niet op een nacht mijn echtgenote en ik tegelijk in bed overeind schrokken. Wat een schitterende Iraanse muziek, riep zij. Wat een intrigerende schrijver, reageerde ik. Wij luisterden beiden voor het inslapen naar Casa Luna, een te weinig geprezen radioprogramma van de NCRV dat op sommige dagen na middernacht door Radio 1 wordt uitgezonden. Rodaan Al Galidi had voorgelezen uit zijn recent verschenen roman De autist en de postduif. Van de auteur en zijn werk - al drie romans en drie gedichtenbundels - kenden wij niets. Van de Iraanse muziek in het programma hadden wij ook nooit eerder gehoord. De muziek is van de niet meer piepjonge Iraanse violist en componist Farjad Farid. Zijn CD-reeks Anroozha telt vijf volumes waarop meeslepende stukken voor viool en piano. Slechts twee instrumenten, en mijn vrouw had gelijk: Het tweede nummer op het tweede volume (Sabhaye Tehran: nachten in Teheran) is het mooiste in de mooie reeks. Als je luistert naar deze muziek en leest in De autist en de postduif kom je in de buurt van de hemel.

Niet minder hemels, maar in woorden klinkt de lofzang op de liefde in De postbode van Neruda. Als het hele eiland meegeniet met het hoogtepunt van Mario en Beatriz in hun huwelijksnacht zingt de parochiepriester tijdens zijn nachtwake: ‘Magnificat, staba, pange lingua, dies irae, benedictus, kyrie eleison, angelica.’ Daar is, lijkt mij, geen woord Latijn bij. Lees deze boeken, drie wonderlijke bestellingen van Tante Pos, en verzin zelf de beste reden waarom.

Noud Bles

Carla Bogaards: De verdronken postbode, roman, 2009, Compaan uitgevers, prijs € 16,90 (paperback)
Rodaan Al Galidi:
De autist en de postduif, roman, 2009, Uitgeverij Meulenhoff, prijs € 19,95
Antonio Skármeta:
De postbode van Neruda, 2005, Uitgeverij De Geus
terug naar columnarchief